Mattheus 25: 1 – 13

Ten_Virgins_2Thema: de dood en het huwelijk
Als we de overledene van het afgelopen jaar herdenken, met alle verdriet en pijn die dat heeft meegebracht, dan gaan onze gedachten, waarschijnlijk, niet in eerste instantie uit naar een bruiloft. En toch wordt ons dat verhaal vandaag opgediend. Dat roept de onvermijdelijke vraag op; wat het Bijbelverhaal van de wijze en dwaze maagden te maken met de dood?
Het verhaal speelt zich af in de avond. In de nacht. In afwachting van wat zal komen. Een situatie waarin we even niet weten wat de morgen ons brengen zal. Het zijn de uren van waken en bezinning. Het verhaal speelt zich af in de somberte van het bestaan. De nacht staat voor de dood, voor dat wat is geweest. En als we, door de dood overvallen, even niet weten hoe we verder moeten. Hoe we het licht weer in ons leven moeten laten schijnen. De dood brengt altijd een moment van verwarring en diepe duisternis. De dood roept altijd nieuwe vragen op, waarop wij mensen, die achterblijven geacht worden een antwoord op te geven. Want na de dood blijft er altijd een lege plaats over, die we proberen op te vullen. Na de dood blijven er altijd vragen over die onbeantwoord zullen blijven, terwijl we toch naar een antwoord willen blijven zoeken. Die nieuwe situatie vraagt om een nieuw antwoord. Vraagt om een herbezinning. Vraagt om een nieuw licht op onze weg.
Wat moeten we met dit verhaal op deze zondag van gedachtenis?
Het lijkt tegenovergesteld; het huwelijk en de dood. Toch blijkt dat niet zo te zijn. Het huwelijk staat voor de toekomst en de dood voordat wat is geweest.
De vrouwen in het verhaal, daarvan wordt gevraagd om zich voor te bereiden, op een nieuwe situatie. Maar hoe het ook zij, dan blijkt ook hoe lastig dat is. Hoe lastig het is om je voor te bereiden op zo’n nieuwe situatie. Dan blijkt al snel dat mensen zich daarin deerlijk kunnen vergissen. We kunnen misschien beter zeggen; ieder mens gaat daar op zijn eigen manier mee om. De een bereidt zich grondig voor, de ander laat komen, wat er komt. Gods water over Gods akker. Met die laatste levenshouding kun je nog weleens in de problemen komen. Althans je neemt wel een zeker risico.
En dan klinkt het niet erg vriendelijk van de vrouwen die zich blijkbaar wel grondig hebben voorbereid, dat zij niet bereid zijn om de ander te helpen, door het delen van de olie. Juist in de nacht, in de somberte van het bestaan, wanneer de droeve blues klinkt over het land, zou je er toch voor elkaar moeten zijn, als gemeenschap.
Maar dit verhaal gaat niet over delen!
Het gaat over dat wat is geweest en over dat wat gaat komen. De olie in dit verhaal is niet een overdraagbaar kannetje, waaruit je, gewenst kunnen schenken voor een ander. De olie staat in dit verhaal voor dat wat ons is meegegeven in het leven. De olie staat voor dat wat we hebben geleerd. Dat is namelijk ons licht voor de toekomst. Wat heeft de vorige generatie ons meegegeven, waarmee we het licht op ons pad kunnen ontsteken, waarmee we de toekomst in kunnen gaan, waarmee we ons levenspad kunnen beschijnen. Wat hebben we geleerd om te doen of juist om niet te doen. Om niet in dezelfde valkuilen te stappen, waarin de vorige generaties wel stapte.
Die olie is dus alleen van ons zelf. Die kunnen we niet overdragen!
Het gaat om onze eigen verantwoordelijkheid. Het gaat om onze eigen waakzaamheid voor de toekomst. Die we aan geen ander kunnen overdragen. Dat wat wij hebben meegekregen, van vorige generaties, daar kunnen we alleen zelf mee werken. Dat kunnen wij alleen gebruiken om ons voor te bereiden op de toekomst.
En blijkbaar hebben de dwaze vrouwen zich, volgens dit verhaal, onvoldoende verdiept, of te lichtzinnig gedacht, over dat licht voor de toekomst. Misschien gedacht dat het vanzelf wel zou komen of dat ze wel zouden kunnen meeliften in het licht van een ander. Maar zo werkt het niet. De verantwoordelijkheid is niet overdraagbaar van de een op de ander. “Eeuwig zonde” noemt de Bijbel dat zelfs. Want als de dood eenmaal is geweest, dan is er geen weg terug meer. Dan is er geen nieuwe olie meer te koop!
“Zo wil ik jullie niet kennen”, Een goddelijke vermaning zou je kunnen zeggen, die eerder klinkt als bezorgdheid en bedroefdheid, dan als een botte afwijzing. Een botte afwijzing die ook niet zou passen bij een God die we kennen bij zijn naam; liefde.
De dood en het huwelijk! Verleden en toekomst. Onlosmakelijk verbonden. In dat wat de Bijbel dan noemt; de komst van de bruidegom, het koninkrijk van de hemel. Die bruidegom en dat koninkrijk van de hemel, dat moeten we niet zoeken na de dood. Maar dat is een alledaags menselijk verhaal van hier en nu. Van vandaag. Van liefde en zorgen, van verdriet en vreugde, van pijn en gemis, van angst en van de dingen die voorbijgaan.
Maar omdat dat alledaagse verhaal te kunnen begrijpen, te kunnen leven, hebben we die olie nodig, die waakzaamheid voor de toekomst. De levenslessen van generaties voor ons. Maar eigenlijk weten we niet precies wanneer die toekomst begint, omdat we nooit zeker kunnen weten wanneer de roep van de dood klinkt. En dan zou weleens kunnen blijken dat we te laat zijn. Dan is er geen weg meer terug.
Lachen en huilen, verleden en toekomst, huwelijk en dood. Heel ons leven doet mee in dit verhaal. En een God vermaand, maar uiteindelijk ook altijd ziet, hoort en red.
Zo wilde ik met u overwegen. Lof zij Jezus Messias.
liturgie grolloo gedachtenis zondag 2014